Homepage / Al het nieuws / De kapitalisatie van interesten: one bridge too far?
PresseDe kapitalisatie van interesten: one bridge too far?
Het vertrouwen primeert, maar beter voorzien dan genezen …
De relatie tussen franchisegever en franchisenemer is gebaseerd op vertrouwen, maar ook op diverse verplichtingen, waarvan sommige van financiële aard zijn. In dat kader kunnen zich, hoewel ongewenst, betalingsachterstanden voordoen. In dergelijke omstandigheden kunnen specifieke juridische instrumenten ingezet worden, en we verwijzen hierbij met name naar ons artikel over het invorderen van claims.
In franchiseovereenkomsten of in de algemene voorwaarden van de franchisegever komen we vaak specifieke clausules tegen die erop gericht zijn de franchisenemers aan te moedigen hun betalingsverplichtingen na te komen, zoals: het automatisch verval van de termijn zonder voorafgaande ingebrekestelling, verhoging van kosten en interesten, een forfaitaire schadevergoeding bij laattijdige betaling, het verlies van bepaalde toegekende voordelen, en zelfs de automatische ontbinding van de overeenkomst bij niet-betaling die na ingebrekestelling niet wordt geregulariseerd. Minder frequent, maar niettemin het vermelden waard, is de clausule die voorziet in de “kapitalisatie van interesten”. Deze techniek, die erin bestaat onbetaalde interesten te laten “renderen” door ze bij het kapitaal te voegen, kan niet alleen een financiële rol spelen, maar kan de franchisenemer ook stimuleren om zijn betalingsverplichtingen strikter na te leven.
Welke interesten kan een schuldeiser vorderen?
Naar Belgisch recht bestaan er verschillende categorieën van interesten die kunnen worden gevorderd:
- Moratoire interesten, verschuldigd als vergoeding voor de schade die voortvloeit uit de laattijdige uitvoering van een somverbintenis waarvan het bedrag bepaald of voldoende bepaalbaar is; het gaat bijvoorbeeld om facturen met betrekking tot royalty’s of bepaalde door de franchisegever verleende diensten.
- Remuneratoire interesten, zijn de interesten die de tegenprestatie vormen voor het ter beschikking stellen van een kapitaal; bijvoorbeeld wanneer een franchisegever een lening verstrekt aan een franchisenemer om de opstart van diens activiteiten te financieren.
- Compensatoire interesten, verschuldigd als vergoeding voor de schade die voortvloeit uit de niet-uitvoering van een waardeverbintenis waarvan het bedrag niet vooraf is vastgesteld en bijgevolg door de partijen of door de rechter moet worden bepaald. Hierbij kan onder meer worden gedacht aan de vergoeding van een inbreuk op een merkrecht of op een niet-concurrentiebeding.
Voor wat betreft de kapitalisatie van de eerste twee eerste categorieën van intresten worden de toepassingsvoorwaarden bepaald in de artikelen 1154 oud Burgerlijk Wetboek en 5.207 nieuw Burgerlijk Wetboek. De compensatoire intresten daarentegen vallen niet onder deze wettelijke bepalingen en kunnen slechts gekapitaliseerd worden in de mate bewezen wordt dat dit nodig is om tot een integraal herstel van de geleden schade te komen.
Anatocisme of kapitalisatie van interesten
Artikel 1154 van het oude Burgerlijk Wetboek bepaalt dat:
“ Vervallen interesten van kapitalen kunnen interest opbrengen, ofwel ten gevolge van een gerechtelijke aanmaning ofwel ten gevolge van een bijzondere overeenkomst, mits de aanmaning of de overeenkomst betrekking heeft op interesten die ten minste voor een geheel jaar verschuldigd zijn.”
Het nieuwe Burgerlijk Wetboek bepaalt in artikel 5.207 dat « niettegenstaande andersluidend beding, kan vervallen remuneratoire en moratoire interest slechts interest opbrengen, ofwel ten gevolge van een schriftelijke ingebrekestelling, ofwel ten gevolge van een specifiek contract, mits de ingebrekestelling of dit contract betrekking heeft op interest die ten minste voor een geheel jaar verschuldigd is. »
De kapitalisatie van interesten – ook wel “anatocisme” genoemd – bestaat erin dat vervallen interesten bij het kapitaal worden gevoegd, zodat ze zelf interest kunnen opbrengen. Wanneer een somverbintenis niet wordt uitgevoerd, beginnen de interesten in principe te lopen vanaf de ingebrekestelling van de schuldenaar, behoudens wettelijke of contractuele uitzondering. Zodra de interesten zijn vervallen en mits aan de wettelijke voorwaarden is voldaan — met name een vervaldag van minstens één jaar en een gerechtelijke vordering, een formele aanmaning of een uitdrukkelijke overeenkomst — kunnen deze interesten worden gekapitaliseerd. Ze worden dan bij het kapitaal gevoegd en worden op hun beurt interestdragend.
Ter illustratie van het effect van kapitalisatie nemen we het voorbeeld van een schuldvordering van 1.000 EUR over een periode van 8 jaar aan een interestvoet van 8 % per jaar: het verschuldigde bedrag beloopt 1.640 EUR zonder kapitalisatie, terwijl dit stijgt tot 1.851 EUR na kapitalisatie, wat neerkomt op een verhoging van het interestbedrag met bijna een derde.
Wat de franchiseovereenkomst betreft, voorziet deze doorgaans in de aanrekening van moratoire interesten bij laattijdige betaling van royalty’s en/of andere vergoedingen, en minder frequent voor bepaalde voorschotten die aan de franchisenemer werden toegekend. In dat geval wordt het mogelijk om moratoire interesten die sinds minstens één jaar vervallen zijn, te kapitaliseren. Aangezien gerechtelijke vertragingen de geschillen dreigen telaten aanslepen in de tijd, maakt deze kapitalisatiemogelijkheid het mogelijk de grondslag te verhogen waarop de interesten worden berekend. Dit vooruitzicht kan evenwel wegen op het gemoed van de franchisenemer en hem ertoe aanzetten zijn schuld sneller te vereffenen, eerder dan deze oncontroleerbaar te laten aangroeien.
Wat indien de franchisegever niets voorziet inzake verschuldigde intresten in zijn overeenkomst of in zijn algemene voorwaarden ?
Er is in dat geval geen wezenlijk probleem voor wat betreft de moratoire intresten, aangezien franchiseovereenkomsten onder de toepassing vallen van artikel 5 van de wet van 2 augustus 2002 betreffende de bestrijding van de betalingsachterstand bij handelstransacties. Op grond van deze tekst zijn, wanneer de betaling niet is verricht op de overeengekomen vervaldag, van rechtswege moratoire interesten verschuldigd zonder dat een voorafgaande ingebrekestelling vereist is. Deze interesten lopen automatisch vanaf de dag die volgt op de vervaldatum van de schuld — in de regel één maand na het ontstaan van de verplichting indien geen andere termijn contractueel werd bedongen. Na verloop van een volledig jaar kan via ingebrekestelling een kapitalisatie van deze wettelijk voorziene moratoire intresten worden gevraagd. Merk op dat remuneratoire intresten slechts indirect onder de wet van 2002 vallen, namelijk wanneer hun betaling zelf achterstallig wordt of wanneer contractuele afwijkingen een kennelijk misbruik uitmaken.
Ter informatie: de rentevoet voor betalingsachterstand bij handelstransacties is terug te vinden op de website van de Federale Overheidsdienst Economie en bedraagt 10,5 % per jaar voor het tweede semester 2025, terwijl de gewone wettelijke rentevoet voor het jaar 2025 4,5 % bedraagt.